
Bij het drogen van verf op glas gaat het niet alleen om het verdampen van oplosmiddelen. Het is een thermisch proces dat rekening moet houden met de eigenschappen van het substraat. Als convectieovens de tijd die nodig is voor het drogen verlengen, of wanneer de hitte ongelijkmatig wordt verdeeld, kan dit leiden tot problemen met de laag die op het glas wordt aangebracht. Ook kan dit risico’s op thermische scheuren in geëmailleerd of gebogen glas veroorzaken. Infrarooddroging zorgt ervoor dat deze beperkingen worden overwonnen.
Wat technisch gezien belangrijk is: Infrarooddroging werkt omdat de energie rechtstreeks in de verflaag terechtkomt en daar wordt opgenomen, in plaats van in de lucht van de oven. We passen het spectrum van de straler aan op de emissiviteit van de verf en het gewenste droogproces: kortegolflicht voor snel drogen van het oppervlak, middengolflicht voor diepere penetratie van de warmte, en nabije infraroodstraling wanneer er geen tijd te verliezen is. Een typisch apparaat werkt op 230 V of 400 V. De vermogensdichtheid wordt aangepast aan de snelheid van de productielijn en de vorm van het glas. Er wordt gebruik gemaakt van een gefocuste hittezone, zodat het glas onder het niveau blijft waar thermische spanningen optreden. Hierdoor zijn de temperatuurcurves voorspelbaar, in plaats van dat men moet gissen.
Waarom dit geschikt is voor glasprocessing: Bij het temmen, buigen en bewerken van glas zijn doorvoer en herhaalbaarheid cruciaal. Infrarooddroging verkort de tijd die nodig is voor het drogen, zodat de verfapparaat zich niet meer tot een bottleneck ontwikkelt. Er ontstaat een meer gelijkmatig warmtestromingsveld over het glas, waardoor er minder producten afvallen door oneffenheden in de glans of slechte hechting. De energieverbruik neemt af, want de hitte wordt alleen gegenereerd wanneer het glas zich in de juiste zone bevindt. Voor geëmailleerd glas verminderd deze gecontroleerde hitte ook het risico op spontane breuken door spanningen aan de randen.
Praktische details: Infraroodstraling heeft alleen effect wanneer er zichtlijn is tussen de straler en het glas. De positie en afstand van de straler moeten dus goed worden afgestemd om schaduwen en oververhitting aan de randen te voorkomen. De transportband moet het glas stabiel houden, zodat deze afstand constant blijft. De samenstelling van de verf beïnvloedt het absorptiepatroon. Daarom moet het droogproces worden gevalideerd met behulp van thermocoupledata van de daadwerkelijke producten. Plan ook voor de onderhoud van de reflectoren en houd reservelampen klaar. Wanneer je 24/7 produceert, is het beter om elke 15 minuten een lamp te vervangen, in plaats van de oven twee uur lang uit te zetten.